Uitvoering in de praktijk – Dagje naar London! – BB

Uitvoering in de praktijk – Dagje naar London! – BB

Uitvoering en reflectie – Dagje naar London! – BB

Groep 6/7 – RKBS Gerardus Majella in Onderdijk – 23-02-2016

Ik startte de les met het doornemen van de kleinschalige kaart van de Verenigde Staten. Ik kon duidelijk merken dat het hard nodig was om de belangrijkste punten door te nemen, want ik merkte al dat de kinderen weinig tot niets wisten over kaartlezen. Door de uitleg van de legende, windrichtingen, coördinaten en waar natuurlijk London op de kaart lag, heb ik de kinderen goed kunnen voorbereiden op de verwerkingsopdrachten. De opdrachten sloten goed aan bij het thema dat er in de klas was. Ze hadden al veel behandeld over London, maar de kaart was nog niet aanbod gekomen. Ik had 2 verschillende kaarten van London opgezocht en daarbij een opdracht voor de kinderen gemaakt. Kaart 1 vonden de kinderen moeilijker dan kaart 2. Dat had ik expres gedaan, zodat alle kinderen op zijn/haar eigen niveau met kaartlezen konden werken. Ik hoefde mij weinig bezig te houden met de uitwerkingen van de opdrachten, omdat de opdracht vrij duidelijk was voor de kinderen en wat ze moesten doen was ook beschreven op het werkblad.

Als ik kijk naar de doelen die ik van te voren had gesteld, kan ik het volgende concluderen:

Door deze les weten de kinderen waar London ligt op de kleinschalige kaart en ze weten waar de bezienswaardigheden op de grootschalige kaart in London zich bevinden. De kinderen zijn intensief bezig geweest met kaartlezen en kunnen nu visualiseren en analyseren. “Bij visualiseren gaat het erom dat je je kunt oriënteren met behulp van de kaart aan de hand van een oriëntatiepunt uit de werkelijkheid (of op een foto van de werkelijkheid).” (Baltus & Rijborz, p. 37) Dit kun je duidelijk terug zien in de opdracht over kaart 2. “Bij het analyseren gaat het erom dat je een patroon ontdekt in één kaart, of tussen twee verschillende kaarten. Dat patroon kan gebruikt worden om verbanden aan te geven tussen verschijnselen. Het kan gaan om aardrijkskundige verschijnselen, zoals bevolkingsdichtheid.” (Baltus & Rijborz, p. 37) Deze manier van werken kwam vooral terug bij kaart 1.

Naast de doelen voor de kinderen had ik voor mijzelf ook nog een doel gesteld. Mijn doel was om een ICT-tool op een juiste manier in te zetten. Dit doel is zeker voor mij bereikt. Ik had gebruik gemaakt van een virtual reality bril. Door deze bril kun je 360 graden om je heen kijken en dus ook in London. De kinderen vonden het geweldig! Ze hadden dit nog nooit mee gemaakt en waren nog meer betrokken door deze tool. Ze zagen de London Eye en de Big Ben. Het leukste vond ik dat wat ze zagen in de VR-bril meteen toepaste bij de verwerkingsopdracht met het kaartje van London. Een uitspraak van een kind was: “Hé, die heb ik net in het echt gezien! De Big-Ben is in de buurt van de London Eye”. De kaarten kwamen tot leven door gebruik te maken van de VR-bril.

Het was een geslaagde les. De kinderen hebben veel geleerd en waren erg betrokken en enthousiast!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *